• Rosse metselbij - Osmia bicornis - 500 cocons voor 275 euro
    Bestel nu
  • Heeft u behoefte aan advies over het gebruik van metselbijen?
    Contact 
  • Wilt u een gratis bestuiversmixberekening of een bestuivingsontwerp?
    Contact
 

Metselbijen

Rechts op de foto arriveren rosse metselbijen met stuifmeel bij hun nest tijdens de teelt van zoete kers in 2011.

Goed voor de bestuiving van een kwart van de boomgaard. In dit blok nestelde maximaal 67 vrouwtjes die ongeveer 150 nestgaten geheel of gedeeltelijk hebben belegd. Op de foto rechtsonder ziet u het eindresultaat.

Bestuiving door metselbijen, zelf doen of uitbesteden?

Wanneer u metselbijen gaat gebruiken voor de bestuiving van uw gewas dan moet u met veel zaken rekening houden. Alleen nestgelegenheden aanbrengen en coconnen kopen is onvoldoende als u een hoogwaardige teelt onderhoudt.

Kennis van de biologie en teelttechniek van metselbijen. Temperatuurregime in herfst en winter

U heeft een gedegen kennis nodig van de biologie en de teelt van metselbijen om de populatie bijen goed te beheren. Vooral de timing en de snelheid van het uitlopen van de bijen is essentieel voor een adequate bestuiving. De natuurlijke vliegtijd van de vrouwtjes van de rosse metselbij bijvoorbeeld, is van eind april tot eind mei. In een gemiddeld voorjaar is dit te laat voor de effectieve bestuivingsperiode van de primaire bloei van diverse soorten appels, peren en kersen. Door het temperatuurregime dat in de herfst en winter wordt toegepast op de bijen aan te passen is het mogelijk de bijen op tijd te laten uitlopen. In het voorjaar kan het nodig zijn de bijen te incuberen in een incubatiekamer.

Timing van de oogst

Een belangrijk onderdeel van het gebruik van metselbijen is het oogsten van coconnen. Door coconnen te oogsten kunt u het aantal parasieten onder controle houden, de nestgelegenheden jaarlijks ontsmetten en krijgt u een indicatie van de sex ratio. Metselbijen worden googst in de herfst als alle bijen het volwassen stadium hebben bereikt. Omdat de eitjes gedurende een periode van vier tot zes weken worden gelegd, hebben niet alle opgroeiende bijen hetzelfde ontwikkelingsstadium. Om te voorkomen dat u te vroeg oogst, met als mogelijk gevolg een hogere sterfte van bijen, is het raadzaam om wekelijks een (statistisch verantwoord) aantal coconnen te openen en te determineren op geslacht en ontwikkelingsstadium. Te lang wachten met de oogst is eveneens schadelijk voor de bijenpopulatie omdat de gewenste inwinterperiode (of pre-winterperiode) dan mogelijk te lang duurt en de 'vroege' metselbijen teveel reserves verbranden die ze nodig hebben voor de winter of het uitlopen in het voorjaar.

Het aantal metselbijen per hectare en bestuivingsconcurrentie

1Bij hoogwaardige teelten is het belangrijk om genoeg metselbijen beschikbaar te hebben door de hele boomgaard heen. Het bepalen van het juiste aantal metselbijen en de lokaties van de primaire en secundaire nestgelegenheden voor uw boomgaard hangt af van de vorm van uw boomgaard, de aangeplante cultivars, het aantal bomen per hectare en het aantal bloemen per boom. Verder speelt hierbij ook de begeleidingsvegetatie een rol. Zo houden metselbijen van veel verschillende soorten stuifmeel. Bij overvloedige bloei van begeleidingsvegetatie binnen 200 meter van de nestplaats op het teeltoppervlak, kan bestuivingsconcurrentie een rol gaan spelen. Dit wil zeggen dat de bijen stuifmeel vooral op andere planten gaan halen dat op het te bestuiven gewas bv op boterbloem, eik of paardenkastanje.

 

Het vervliegen van vrouwtjes

Het vervliegen van vrouwtjes voordat ze aan het nestelen zijn, verdient bij de bestuiving met metselbijen speciale aandacht. Vrouwtjes die vervliegen vestigen zich elders en komen niet ten goede aan de bestuiving van het gewas. Kleine vrouwtjes vervliegen gemakkelijker dan grote. Vrouwtjes uit losse coconnen vervliegen gemakkelijker dan vrouwtjes die zich uit een nest hebben moeten werken. Het uitlopen van bijen voor de primaire bloei kan eveneens vervlieging in de hand werken. Vervliegingsprecentages van 60% komen voor. Dit moet bijtijds worden gesignaleerd zodat kan worden ingegrepen.

Sex ratio
De sex ratio tussen mannetjes en vrouwtjes in de populatie is van belang. Ieder jaar zal moeten worden bekeken of de sex ratio in evenwicht is. Dit om te voorkomen dat de populatie teveel mannetjes produceert en daardoor niet genoeg groeit of zelfs afneemt. De gewenste sexratio voor metselbijen is ongeveer 1 vrouwtje op 1.5 mannetje. Onvoldoende beheer van de bijen, marginale omstandigheden en slecht teeltmateriaal kan leiden tot ongewenst veel mannetjes.

Parasieten en andere bedreigingen
Zoals iedere populatie bijen hebben metselbijen te maken met parasieten en andere bedreigingen. Vooral in biologisch gehouden boomgaarden kunnen parasieten een probleem vormen omdat de scheiding tussen natuur en boomgaard vervaagt. Vanuit de natuurlijke populatie kunnen parasieten de 'schoon' geteelde populatie metselbijen eenvoudig besmetten. Het vergt enig inzicht en ervaring om een uit de hand gelopen besmetting in één keer goed op te lossen zonder gevaar van herbesmetting.  Bij intensieve, hoogwaardige teelt, speelt dit minder omdat de bijen jaarlijks vlak voor de bloei worden gebracht en vier tot zes weken na de bloei worden weggehaald. Vooral de fruitvlieg Cacoxenus indigator moet actief bestreden worden. In de biologische teelt is het raadzaam constant alert te zijn op infecties van stuifmeelmijten, diverse soorten vliegen en sluipwespen.

Bestuiving met metselbijen, zelf doen of uitbesteden?
Net zoals de bestuiving met honingbijen of de teelt van hommels is het met de juiste kennis en ervaring mogelijk zelf de bestuiving met metselbijen te verzorgen. Het vergt echter eveneens vakmanschap om voor langere termijn de bijenpopulatie goed te houden en zorg te dragen voor een adequaat bestuivingsresultaat. Wij adviseren daarom de intensieve, hoogwaardige teelt altijd de bestuiving met metselbijen uit te besteden. Ook in de biologische teelt, wanneer alleen metselbijen worden gebruikt voor de bestuiving, is het aan te raden een deskundige partij in te huren voor uitstekend management van uw bijenpopulatie. De minder intensieve of kleinschalige teelt, kan ervoor kiezen nestgelegenheden aan te brengen zonder de bijen actief te 'houden'. Het zal de natuurlijke bestuiving bevorderen. Passief onderhoud blijft gewenst.

Contact?